1. De inrijgvolgorde is onjuist. Oplossing: Rijg opnieuw in de juiste volgorde. Groothandel in naaimachineaccessoires.
2. De bovendraad is te strak. Oplossing: Draai de draadklemmoer langzaam los en pas de spanning van de onderdraad dienovereenkomstig aan.
3. Onjuiste naaldkeuze. Oplossing: Vervang de naald die overeenkomt met de draad en het naaimateriaal.
4. De naald is verbogen. Oplossing: Vervang de naald.
5. De naald raakt de naaivoet. Oplossing: Pas de positie van de naaivoet aan. Groothandel in naaimachineaccessoires.
6. De shuttle draait niet soepel of is niet in de juiste positie geïnstalleerd. Oplossing: Stel de shuttlepositie in op de juiste positie en draai deze vast.
7. De schiethaak is beschadigd. Oplossing: Poets de spoelhaak of vervang de spoel.
8. Het naaldoog is ruw of de naaldgroef van de steekplaat is beschadigd. Oplossing: Polijst het naaldooggat of de naaldgroef. Als de naaldgroef ernstig beschadigd is, moet deze worden vervangen door een nieuwe.
9. De bovendraad is beschimmeld of te broos. Oplossing: Vervang de draad. Groothandel in naaimachineaccessoires.
10. De haak wordt te snel of te langzaam gehaakt. Oplossing: pas de hooktime aan.







